text.skipToContent text.skipToNavigation

Overzicht van de Connectivity (Connectiviteit) Tool in Linksys Smart Wi-Fi

Met de Connectivity (Connectiviteit) Tool in Linksys Smart Wi-Fi kunt u de configuratie van de router bekijken en wijzigen.  U kunt onder meer de volgende informatie wijzigen:  netwerknaam en -wachtwoord, internetinstellingen, lokale netwerkinstellingen en meer.

Om te weten te komen hoe u toegang kunt krijgen tot de 
Connectivity (Connectiviteit) Tool, volg de onderstaande stappen:

Stap 1:
Open uw Linksys cloud account.  Voor instructies klik hier.

Stap 2:
In het menu Router Settings (Router instellingen), klik op Connectivity (Connectiviteit).

 

User-added image 
 

U kunt nu de Connectivity (Connectiviteit) Tool configureren naar uw voorkeur.

De Connectivity (Connectiviteit) Tool beschikt over vijf (6) tabbladen: 

OPMERKING:  Alleen de nieuwste Linksys Smart Wi-Fi Routers ondersteunen de VLAN-functie.
 
User-added image 
 
Basis
 
In de tab Basic (Basis) kunt u de routerinstellingen bekijken en wijzigen.
 
User-added image
 
Netwerknaam en wachtwoord
In dit gedeelte vindt u de huidige naam en het wachtwoord voor elke netwerkband van uw router.  Deze naam en dit wachtwoord worden gebruikt om computers verbinding te laten maken met uw draadloos netwerk.  Het wachtwoord biedt beveiliging om te voorkomen dat onbevoegde gebruikers toegang kunnen krijgen tot uw draadloos netwerk.
 
OPMERKING:  Als u handmatig verbinding met een netwerk maakt wordt automatisch een gastnetwerk gemaakt.  Deze functie creërt een apart netwerk voor gasten die een internetverbinding geeft aan computers of andere apparaten maar geen toegang geeft aan de router hoofd netwewrk en communiceert met andere apparaten in het netwerk.  Voor meer informatie kik hier.
 
Wachtwoord router
In dit gedeelte kunt u het routerwachtwoord wijzigen.  Dit wachtwoord wordt gebruikt om toegang te krijgen tot routerinstellingen en functies zoals Guest Access (Gasttoegang) en Parental Controls (Ouderlijk toezicht).  Voor instructies voor het wijzigen van het routerwachtwoord, klikt u hier.
 
Firmware-update
Geef aan of de routerfirmware automatisch moet worden bijgewerkt wanneer een update beschikbaar is.  Als u uw firmware up-to-date houdt, weet u zeker dat uw router over de beste beveiliging en prestaties beschikt.
 
OPMERKING:  Deze functie is alleen beschikbaar als u over een lokale verbinding met uw netwerk beschikt.
 
Schakel de optie Automatic (Automatisch) in als u wilt dat updates van de routersoftware automatisch plaatsvinden.  Als u deze optie uitschakelt, worden er alleen beschikbare updates geïnstalleerd wanneer u op de knop Check for updates (Controleren van updates) klikt.
 
Om een firmware-update handmatig te installeren klikt u op Choose File (Bestand kiezen) en bladert u naar een specifiek firmware-updatebestand dat u selecteert.  Klik daarna op Start om het bestand te installeren.
 
Tijdzone
Stel de huidige tijdzone voor uw regio in en pas de tijd aan voor zomer- en wintertijd.
 
Poortlampjes
Geef aan of de poortlampjes van de router AAN of UIT staan.  Mogelijk wilt u deze lampjes uitschakelen als ze zichtbaar en afleidend zijn.
 
Internetinstellingen
 
Met de optie Internet Settings (Internetinstellingen) kunt u de router configureren voor gebruik van uw internetverbinding.  Uw router wordt geleverd met de meest gebruikelijke instellingen.  Sommige instellingen worden geconfigureerd tijdens de installatie.  Mogelijk hoeft u deze instellingen nooit te wijzigen.  Als u deze wel moet wijzigen, neemt u contact op met uw internet service provider (ISP) voor ondersteuning.  Er zijn instellingen voor IPv4 en IPv6.
 
Internetinstellingen IPv4
 
User-added image 
 
Type internetverbinding
Kies het type internetverbinding van uw internetprovider in het vervolgkeuzemenu.  De beschikbare typen zijn:
 
 
 
  • Automatic Configuration - DHCP (Automatische configuratie – DHCP) Selecteer deze optie als uw internetprovider IP-adressen dynamisch toewijst.  Dit houdt in dat u steeds een ander IP-adres krijgt wanneer u uw computer opnieuw opstart.
  • Static IP (Vast IP-adres) Selecteer deze optie als u altijd hetzelfde IP-adres moet gebruiken wanneer u verbinding maakt met internet.  Als dat inderdaad zo is, voert u de gegevens voor uw internetadres, subnetmasker, standaardgateway en DNS-servers in.  Deze gegevens worden verstrekt door uw ISP.  Voor meer informatie over het configureren van uw router met een vast IP-adres, klikt u hier.
  • PPPoE Selecteer PPPoE Point-to-Point Protocol over Ethernet (PPPoE) als uw ISP deze methode gebruikt om internetverbindingen tot stand te brengen.  Met PPPoE kunnen ISP's accounts beheren via gebruikersnamen en wachtwoorden.
  • PPTP Selecteer deze optie om Point-to-Point Tunneling Protocol (PPTP) te gebruiken.  Dit maakt veilige overdracht van gegevens van een externe client naar een bedrijfsserver mogelijk door een Virtual Private Network (VPN) te creëren tussen gegevensnetwerken op basis van TCP/IP.
  • L2TP Selecteer deze optie om Layer 2 Tunnel Protocol (L2TP) te gebruiken.  Hierbij worden de protocollen Layer 2 Forwarding (L2F) en Microsoft Point-to-Point Tunneling Protocol (PPTP) van Microsoft gecombineerd.
  • Bridge Mode (Brugmodus) Selecteer deze optie om de brugmodus te gebruiken als dit is vereist voor uw ISP.  U kunt naar wens automatisch een IP-adres verkrijgen of de gegevens voor uw internetadres, subnetmasker, standaardgateway en DNS-servers invoeren.  Deze gegevens worden verstrekt door uw ISP.
OPMERKING:  Sommige Linksys Smart Wi-Fi Routers ondersteunen Wireless Repeater en Wireless Bridge modus.  Voor meer informatie over de Wireless Repeater mode, klik hier.  Voor Wireless Bridge, klik hier.
 
Optioneel
Dit zijn optionele instellingen die u kunt configureren op uw router.
 
  • Domain Name (Domeinnaam) – Hier wordt de domeinnaam van de router weergegeven.  Voor sommige internetproviders, meestal kabelinternetproviders, is deze vereist ter identificatie.  U dient wellicht bij uw internetprovider na te vragen of uw breedbandinternetdienst is geconfigureerd met een domeinnaam.
  • MTU MTU (Maximum Transmission Unit) geeft de maximale pakketgrootte aan die via internet kan worden verzonden.  Selecteer Manual als u de grootst mogelijke pakketgrootte handmatig wilt invoeren.  Gebruik de standaardwaarde Auto (Automatisch) als u wilt dat de beste MTU voor uw internetverbinding door de router wordt geselecteerd.  Als u meer wilt weten over het instellen van MTU op uw router, klikt u hier.
MAC-adres klonen
Selecteer of u hetzelfde MAC-adres voor uw computer of router wilt gebruiken en geen nieuw adres van uw internetprovider wilt ontvangen. 
 
OPMERKING:  Deze functie is alleen beschikbaar als u over een lokale verbinding met uw netwerk beschikt.
 
 
IPv6 is de nieuwe generatie Internet Protocol (IP) die is voorgeschreven door overheden.  Deze vervangt IPv4, het internetprotocol dat momenteel overal ter wereld wordt gebruikt.  IPv6 ondersteunt een veel grotere adresruimte en maakt het gebruik van nieuwe soorten toepassingen voor communicatie en samenwerking mogelijk.

OPMERKING:  Voor meer informatie over het configureren van de IPv6 op de Linksys Smart Wi-Fi Routers, klik hier.
 
 User-added image
 
 
Type internetverbinding
Selecteer het internetverbindings type van uw ISP aanbiedt uit het vervolgkeuze menu.  De beschikbare types zijn:
 
  • IPv6 Automatic (IPv6 Automatisch) – Selecteer deze optie om Native IPv6 te gebruiken.
  • DUID De Device User Identification (identificatie apparaat gebruiker) die wordt toegewezen door de router.
  • 6rd Tunnel (6de-tunnel) – Selecteer deze optie om 6rd-tunnel te gebruiken.
  • Prefix Het prefix adres dat wordt gebruikt voor de tunnel die u heeft ontvangen van uw internetprovider.
  • Prefix length (Lengte prefix) De lengte van het prefix dat wordt gebruikt voor de tunnel.
  • Border relay (Rand-relay) – Het adres van de rand-relay dat wordt gebruikt voor de tunnel.
  • IPv4 mask length (Lengte IPv4-masker) de lengte van het IPv4-adresmasker dat wordt gebruikt voor de tunnel. 
Optioneel
Dit zijn optionele instellingen die u kunt configureren op uw router.
 
  • Domain Name (Domeinnaam) – Hier wordt de domeinnaam van de router weergegeven.  Voor sommige internetproviders, meestal kabelinternetproviders, is deze vereist ter identificatie.  U dient wellicht bij uw internetprovider na te vragen of uw breedbandinternetdienst is geconfigureerd met een domeinnaam.
  • MTU MTU (Maximum Transmission Unit) geeft de maximale pakketgrootte aan die via internet kan worden verzonden.  Selecteer Manual als u de grootst mogelijke pakketgrootte handmatig wilt invoeren.  Gebruik de standaardwaarde Auto (Automatisch) als u wilt dat de beste MTU voor uw internetverbinding door de router wordt geselecteerd. 
MAC-adres klonen
Selecteer of u hetzelfde MAC-adres voor uw computer of router wilt gebruiken en geen nieuw adres van uw internetprovider wilt ontvangen. 
 
Lokaal netwerk
 
Met de instellingen voor Local Network (Lokaal netwerk) kunt u de router configureren voor gebruik van uw internetverbinding. 
 
Routergegevens
 
 
 
  • Host name (Hostnaam) – Dit is de naam van de router.
  • IP Address (IP-adres) – Dit is het IP-adres van de router.  
SNELLE TIP:  Mogelijk kunt u dit adres wijzigen.  Daarna moet u echter wel apparaten die op dat moment met uw router zijn verbonden, opnieuw verbinden omdat de router een ander IP-adres heeft gekregen.  Voor meer informatie over het wijzigen van het IP-adres van de router, klikt u hier. 
  • Subnet Mask (Subnetmasker) – Dit is het subnetmasker van de router.  Dit wordt gebruikt om een netwerk op te splitsen in subnetwerken, zodat informatie correct naar uw computers en apparaten kan worden geleid.  Uw ISP moet u de juiste instelling voor het subnetmasker verstrekken, die u hier moet opgeven. 
DHCP-server
 
DHCP (Dynamic Host Configuration Protocol) is standaard ingeschakeld op uw router.  Met DHCP worden zo nodig IP-adressen toegewezen aan computers en apparaten in uw netwerk.
 
 
 
  • Start IP address (Begin IP-bereik) – Dit is het eerste IP-adres dat wordt toegewezen aan het eerste apparaat dat verbinding maakt met het netwerk.
  • Maximum number of users (Maximum aantal gebruikers) – Dit is het totaal aantal apparaten dat verbinding met uw router kan maken.  Deze waarde kan niet groter zijn dan 253 en de standaardwaarde is 50.
  • IP address range (IP-adresbereik) – De beschikbare IP-adressen die kunnen worden gebruikt op het netwerk.
  • Client lease time (Leasetijd van client) – Geeft aan hoe lang (in minuten) een netwerkgebruiker met de router verbonden kan zijn met het huidige IP-adres.  Wanneer deze periode is verlopen, krijgt de gebruiker automatisch een nieuw IP-adres toegewezen, of wordt de lease vernieuwd.
  • Static DNS 1 - 3 (Statische DNS 1-3) – DNS (Domain Name System) is de manier waarop namen van domeinen of websites op internet worden omgezet in internetadressen of URL's die u kunt openen.  Van uw internetprovider ontvangt u het IP-adres van ten minste één DNS-server.  U kunt er maximaal drie (3) invoeren.
  • WINS Met Windows Internet Naming Services (WINS) wordt de interactie van elke computer met internet beheerd.  Als u een WINS-server gebruikt, voert u hier het IP-adres van die server in.  In alle andere gevallen laat u dit veld leeg.
  • DHCP Reservations  (DHCP-reserveringen) – Hier kunt u een uniek, vast IP-adres toewijzen aan een specifiek apparaat op uw netwerk.  Dit is nuttig als u wilt dat uw apparaat altijd hetzelfde IP-adres krijgt wanneer het verbinding maakt met het netwerk. Klik hier voor instructies. 
Geavanceerde routing
 
 User-added image

NAT
Via Network Address Translation (NAT) kan de router pakketten wijzigen, zodat meerdere apparaten gebruik kunnen maken van hetzelfde IP-adres.  Selecteer deze optie om NAT in te schakelen.
 
Statische routing
Gebruik deze optie om een bepaald IP-adres, subnetmasker en gateway adres toe te wijzen aan een bepaald apparaat.
 
Als u een route wilt toevoegen, klikt u op Add static route (Statische route toevoegen), voert u de apparaatnaam en de voor het apparaat te gebruiken gegevens in en klikt u op Save (Opslaan).  Klik op Edit (Bewerken) als u de gegevens voor een apparaat wilt wijzigen.
 

VLAN

Om een internetverbinding op te zetten, vereisen sommige ISP's Virtual LAN (VLAN) op uw Linksys Smart Wi-Fi Router te worden ingeschakeld.  Voor stap-voor-stap instructies over hoe u de VLAN-instellingen kunt configureren, klik hier.

OPMERKING:  Alleen de nieuwste Linksys Smart Wi-Fi Routers ondersteunen deze functie.
 

User-added image

Beheer
 
Toegang voor lokaal beheer
 
 
 
  • HTTP/HTTPS - Gebruik alleen HTTP of selecteer HTTPS om SSL (Secure Socket Layer) te gebruiken voor een betere beveiliging door middel van codering van verzonden gegevens.  Zowel HTTP als HTTPS zijn standaard geselecteerd. 
  • Access via Wireless (Draadloze toegang) – Selecteer deze optie om draadloze toegang tot uw netwerk mogelijk te maken.                                   
UPnP
Met UPnP (Universal Plug and Play) kunnen apparaten die met een netwerk zijn verbonden elkaar detecteren en automatisch werkconfiguraties instellen.  Voorbeelden van UPnP-apparaten zijn webcams, gameconsoles en VoIP-apparaten.  UPnP is standaard ingeschakeld.
 
 

Geef aan of gebruikers routerinstellingen kunnen wijzigen of uw lokale internetverbinding kunnen uitschakelen bij gebruik van UPnP.
 
Application Layer Gateway
Selecteer deze optie om ervoor te zorgen dat SIP-pakketten (Session Initiation Protocol), die door sommige VoIP-serviceproviders worden gebruikt, de firewall van uw router kunnen passeren.
 
 
 

Express Forwarding
Het inschakelen van de Express Forwarding functie kunnen de router prestaties verhogen omdat het protocollen omzielt die extra overhead toevoegt aan de router om te verwerken zoals, packet niveau inspecties, sorteren, filteren en queuing.

 

User-added image


AllJoyn Notificaties

AllJoyn®
is een open, veilige technologie die het mogelijk maakt om AllJoyn-apparaten op het netwerk te ontdekken, aan te sluiten en rechtstreeks met elkaar.


Als u de notificaties inschakeld, uw router stuurt noticifaties naar AllJoyn-geschikte apparaten op uw netwerk wanneer uw apparaat is aangesloten.  De mogelijkheid om de notificaties te ontvangen, en het notificatie programma hangt af van de configuratie en software capaciteit van elk elk apparaat.

 

User-added image


OPMERKING:  Deze functie is aleen beschikbaar op het model Linksys EA7500.

Meer apparaten toevoegen aan uw netwerk
 
Linksys Smart Wi-Fi heeft als belangrijkste doelstelling u de beste gebruikerservaring met uw thuisnetwerk te bieden.  Het verbinden van draadloze apparaten zoals smartphones, tablets, gameconsoles, camera's en draadloze printers met internet is aanzienlijk eenvoudiger gemaakt.  Voor meer informatie over het aansluiten van apparaten met uw thuisnetwerk klik hier.

Was dit artikel nuttig?

Aanvullende vragen?

Opnieuw zoeken

CONTACT MET DE KLANTENSERVICE